De gemeenteraad keurt het belastingreglement betreffende de verblijfsbijdrage goed.
TOEPASSINGSGEBIED
Met ingang van 1 januari 2026 tot en met 31 december 2031 wordt een gemeentebelasting geheven op de overnachtingen in toeristische logies op het grondgebied van de stad Sint-Truiden, verder genoemd als de verblijfsbijdrage.
DEFINITIES
Voor de toepassing van het reglement wordt verstaan onder:
Toerist: elke persoon die zich met het oog op vrijetijdsbesteding, ontspanning, persoonlijke ontwikkeling, beroepsuitoefening of zakelijk contact begeeft naar of verblijft in een andere dan zijn alledaagse leefomgeving;
Toeristisch logies: elke constructie, inrichting, ruimte of terrein, in eender welke vorm, dat aan één of meer toeristen tegen betaling de mogelijkheid tot verblijf biedt voor één of meer nachten en dat wordt aangeboden op de toeristische markt;
Kamer gerelateerde logies: een toeristische logies met één of meer verhuureenheden of een ruimte die mogelijkheid tot verblijf biedt;
Terrein gerelateerde logies: een toeristisch logies in centraal beheer waar op een afgebakend terrein wordt gekampeerd of verbleven in verplaatsbare of niet-verplaatsbare verblijven, of dat daarvoor bestemd of ingericht is;
Aanbieden op de toeristische markt: het op eender welke wijze publiek aanbieden van een toeristische logies, hetzij als exploitant, hetzij via een tussenpersoon;
Exploitant: elke natuurlijke persoon of rechtspersoon die een toeristisch logies exploiteert, voor de rekening van wie een toeristisch logies wordt geëxploiteerd of die tot de exploitatie wordt gemachtigd op grond van een rechtsgeldige exploitatieovereenkomst;
Tussenpersoon: elke natuurlijke persoon of rechtspersoon die op eender welke wijze tegen betaling bemiddelt bij het aanbieden van een toeristisch logies op de toeristische markt, promotie maakt voor een toeristisch logies of diensten aanbiedt via dewelke exploitanten en toeristen rechtstreeks met elkaar in contact kunnen treden.
TARIEF EN BEREKENING
§1. De verblijfsbijdrage is verschuldigd per kwartaal en bedraagt 2,50 euro per persoon per overnachting.
§2. Een overnachting die start in kwartaal N en eindigt in kwartaal N+1 wordt beschouwd als een overnachting die heeft plaatsgevonden in kwartaal N+1.
§3. De in dit reglement vastgestelde tarieven worden vanaf 1 januari 2027 jaarlijks op 1 januari geïndexeerd op basis van de evolutie van de gezondheidsindex, overeenkomstig het koninklijk besluit van 24 december 1993 tot uitvoering van de wet van 6 januari 1989 tot vrijwaring van 's lands concurrentievermogen.
De referentiemaand voor de berekening van de indexering is november van het jaar dat voorafgaat aan de aanpassing, met als basisjaar 2013 (gezondheidsindex 2013 = 100)
Er wordt geen indexering toegepast op 1 januari 2026. De tarieven die bij dit reglement worden vastgesteld, gelden als basistarieven voor de toepassing van de jaarlijkse indexering zoals bepaald in dit artikel en stemmen overeen met de gezondheidsindex van de maand november 2025.
Wijze van indexering:
Tarief aanslagjaar X = (bedrag aanslagjaar * index november X-1) / index november 2025
Wijze van afronding:
Het totaalbedrag wordt afgerond naar het dichtste veelvoud van vijftig eurocent, hetzij naar het lagere, hetzij naar het hogere.
BELASTINGPLICHTIGE
§1. De verblijfsbijdrage is verschuldigd door de exploitant van de toeristische logies
De eigenaar(s) van het onroerend goed waarin de exploitatie is gevestigd, is (zijn) hoofdelijk aansprakelijk voor de betaling van de verblijfsbijdrage.
§2. Indien de exploitant zijn exploitatie stopt of overdraagt in de loop van een kwartaal, is de exploitant de verblijfsbijdrage verschuldigd voor de overnachtingen die hebben plaatsgevonden tijdens de periode dat hij de toeristische logies heeft aangeboden.
In geval van overdracht is de overnemende exploitant de verblijfsbijdrage verschuldigd voor de overnachtingen die hebben plaatsgevonden vanaf de datum van overdracht. In geval van een overnachting die start in de exploitatieperiode van de overdragende exploitant en eindigt in de exploitatieperiode van de overnemende exploitant, is de verblijfsbijdrage verschuldigd door de overnemende exploitant.
VRIJSTELLINGEN
§1. Personen jonger dan 12 jaar die verblijven op dezelfde kamer als de ouders of diegene die op dat moment verantwoordelijk is voor de persoon jonger dan 12 jaar, zijn vrijgesteld van de belasting.
Om recht te hebben op deze vrijstelling dient de belastingplichtige de nodige bewijsstukken bij de aangifte te voegen.
§2. Worden bovendien ook vrijgesteld van deze belasting:
WIJZE VAN INNING
De verblijfsbijdrage wordt ingevorderd door middel van een kohier dat uitvoerbaar wordt verklaard door het college van burgemeester en schepenen en moet betaald worden binnen twee maanden na verzending van het aanslagbiljet.
REGISTER-, AANGIFTE- EN MELDINGSPLICHT
§1. Registratieplicht
De exploitant moet een door het college van burgemeester en schepenen voorgeschreven register bijhouden waarin per nacht het aantal personen en het aantal bezette kamers en/of standplaatsen wordt vermeld. Het register is in bijlage toegevoegd en maakt integraal deel uit van dit reglement.
Dit register moet steeds ter inzage liggen in de toeristische logies ter controle en vermeldt de recentste stand van het aantal overnachtingen (inclusief personen die verblijven op de kamer van de ouders t.e.m. 12 jaar), de datum en het aantal bezette kamers en/of standplaatsen.
Elke belastingplichtige die dergelijk register niet ontvangt moet dit spontaan vragen aan het team Financiën.
§2. Aangifteplicht
De belastingplichtige moet ten laatste binnen de 30 dagen na afloop van elk kwartaal aangifte doen bij het lokaal bestuur – team financiën op een door het lokaal bestuur voorgeschreven formulier. Bij deze aangifte dient het register van het afgesloten kwartaal toegevoegd te worden. Het aangifteformulier is in bijlage toegevoegd en maakt integraal deel uit van dit reglement.
De aangifte kan via één van de volgende kanalen worden ingediend :
Een belastingplichtige die geen aangifteformulier gekregen heeft, moet er zelf één vragen bij het team Financiën.
§3. Meldingsplicht
De exploitant moet ingeval van stopzetting of overdracht dit onmiddellijk meedelen aan het lokaal bestuur, met in desbetreffend geval de gegevens van de overnemer (ondernemingsnummer, benaming en adresgegevens).
Elke nieuwe exploitant die zich vestigt op het grondgebied moet dit binnen een periode van een maand na aanvang van de exploitatie meedelen aan het lokaal bestuur.
Deze meldingen kunnen gebeuren via een van de volgende kanalen:
PROCEDURE VAN AMBTSHALVE VASTSTELLING EN BIJHORENDE BELASTINGVERHOGING
§1. Bij gebrek aan aangifte binnen de in artikel 7 gestelde termijn, of in geval van onjuiste, onvolledige of onnauwkeurige aangifte vanwege de belastingplichtige, kan de verblijfsbijdrage ambtshalve worden vastgesteld conform de procedure voorzien in artikel 7 van het decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen. De basisbelasting zal berekend worden op basis van de maximale bezettingsgraad.
§2. De ambtshalve vastgestelde verblijfsbijdrage wordt verhoogd met :
§3. Het bedrag van deze verhoging wordt mee ingevorderd met de basisbelasting door middel van een kohier dat uitvoerbaar wordt verklaard door het college van burgemeester en schepenen.
ADMINISTRATIEVE GELDBOETE
§1. De door het college van burgemeester en schepenen aangestelde personeelsleden zijn bevoegd om een controle of onderzoek in te stellen en vaststellingen te verrichten in verband met de toepassing van het belastingreglement. Deze aangestelde personeelsleden bezitten de onderzoeks-, controle- en vaststellingsbevoegdheden, vermeld in artikel 6 van het decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen.
§2. Een administratieve geldboete van 100,00 euro wordt opgelegd indien de meldingsplicht, zoals bepaald in artikel 7, niet wordt gerespecteerd. Een administratieve geldboete van 500,00 euro wordt opgelegd in geval van:
Deze boetes zijn cumuleerbaar per jaar en kunnen opgelegd worden aan een derde, niet-belastingplichtige.
§3. De administratieve geldboete wordt ingevorderd door middel van een kohier dat uitvoerbaar wordt verklaard door het college van burgemeester en schepenen.
De administratieve geldboete moet betaald worden binnen twee maanden na verzending van het aanslagbiljet.
BEZWAARPROCEDURE
§1. De belastingschuldige of zijn vertegenwoordiger kan bezwaar indienen tegen deze verblijfsbijdrage en de administratieve geldboetes voorzien in dit reglement bij het college van burgemeester en schepenen.
§2. Het bezwaar moet schriftelijk worden ingediend en worden gemotiveerd.
De indiening moet, op straffe van verval, gebeuren binnen een termijn van drie maanden te rekenen vanaf de derde werkdag volgend op de datum van verzending van het aanslagbiljet of vanaf de kennisgeving van de aanslag.
Bezwaren kunnen, met de nodige bewijsstukken, worden ingediend via één van volgende kanalen:
TOEZICHT
Het belastingreglement wordt overeenkomstig artikel 285, 286, 287 en 288 van het decreet over het lokaal bestuur afgekondigd en bekendgemaakt. Van dit belastingreglement wordt melding gemaakt bij de toezichthoudende overheid overeenkomstig artikel 330 van het decreet over het lokaal bestuur.
Het decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen en latere wijzigingen zijn van toepassing op dit belastingreglement.
Dit besluit wordt onderworpen aan de bepalingen betreffende het bestuurlijk toezicht (artikels 326 tot en met 334) Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017, zoals gewijzigd.